Een cashflowprognose maken klinkt alsof je een financieel model nodig hebt. In de praktijk heb je vooral een overzicht nodig dat antwoord geeft op één vraag: hoeveel geld staat er waarschijnlijk op mijn rekening op het moment dat de volgende betalingen worden afgeschreven? Dat is iets anders dan winst. Een opdracht kan winstgevend zijn en toch tijdelijk krap voelen wanneer de klant pas over dertig dagen betaalt.
Met een korte kasplanning zie je die momenten vooraf. Je kunt een factuur eerder sturen, een grote uitgave spreiden of een klant tijdig aanspreken. Het doel is niet om de toekomst exact te voorspellen. Het doel is om beslissingen te nemen voordat een tegenvaller een noodsituatie wordt.
Begin met het echte banksaldo
Noteer het bedrag dat vandaag daadwerkelijk beschikbaar is. Laat geld voor btw, inkomstenbelasting of een geplande betaling niet stilzwijgend als vrije ruimte meetellen. Zet die bedragen in een aparte kolom met een duidelijke bestemming. Een prognose werkt alleen als het vertrekpunt controleerbaar is.
Kies daarna een periode van dertien weken. Dat is lang genoeg om kwartaalbetalingen en grotere uitgaven te zien, maar kort genoeg om aannames regelmatig te vervangen door echte cijfers. Werk per week wanneer je saldo sterk beweegt; per maand kan bij zeer stabiele inkomsten, maar verbergt sneller een krappe week.
Maak vier eenvoudige kolommen
Gebruik voor elke week een rij en voor iedere geldstroom een kolom: beginsaldo, verwachte ontvangsten, verwachte uitgaven en eindsaldo. Het eindsaldo is steeds het beginsaldo plus ontvangsten min uitgaven. Neem in de ontvangsten alleen geld op dat waarschijnlijk op tijd binnenkomt. Een offerte is nog geen ontvangst en een verstuurde factuur is pas relevant wanneer de betaaltermijn en het betaalgedrag van de klant realistisch zijn.
- Beginsaldo: het feitelijke saldo aan het begin van de week.
- Ontvangsten: facturen met een plausibele betaaldatum en andere zekere inkomsten.
- Uitgaven: vaste lasten, belastingen, inkopen, abonnementen en geplande investeringen.
- Eindsaldo: het bedrag waarmee je de volgende week start.
Werk met betaaldatums, niet met factuurdatums
Een factuurdatum vertelt wanneer je het geld vraagt; de betaaldatum bepaalt wanneer je ermee kunt werken. Zet de verwachte ontvangst daarom op de dag waarop het bedrag vermoedelijk binnenkomt. Bij een nieuwe klant kun je de formele termijn gebruiken en tegelijk een voorzichtiger scenario maken. Zo blijft je overzicht bruikbaar zonder dat je iedere klant wantrouwt.
Verzamel de gegevens in een vaste volgorde
Begin bij bankmutaties en agenda. Noteer eerst vaste uitgaven: huur, verzekeringen, software, telefoon, loon of een periodieke aflossing. Voeg daarna btw- en belastingmomenten toe. Kijk vervolgens naar inkoop, reizen, opleidingen en apparatuur. Plan tot slot privéonttrekkingen of salaris op een bedrag dat je bedrijf werkelijk kan dragen. Door steeds dezelfde volgorde te volgen, vergeet je minder en kost een update weinig tijd.
Gebruik voor onregelmatige kosten een maandelijkse reservering. Een verzekering van 600 euro die elk jaar wordt afgeschreven, verschijnt dan als 50 euro per maand in je planning en als 600 euro in de juiste betaalweek. Voor de prognose telt uiteindelijk die betaalweek; de reservering helpt je om het bedrag op tijd beschikbaar te hebben.
Maak drie scenario’s
Een basisscenario laat zien wat er gebeurt wanneer normale facturen volgens verwachting worden betaald. Voeg een voorzichtig scenario toe waarin één grote ontvangst twee weken opschuift en een nieuwe opdracht niet meetelt. Een ruim scenario kan een extra opdracht bevatten, maar gebruik dat alleen om te zien wat je met ruimte zou kunnen doen. Baseer belangrijke keuzes op het voorzichtige scenario.
De drie scenario’s zijn geen voorspellingen met schijnprecisie. Ze zijn gesprekken met jezelf: welke uitgave kan wachten, welke betaling moet ik opvolgen en vanaf welk saldo wil ik geen nieuwe verplichting aangaan?
Stel een waarschuwingsgrens in
Kies een ondergrens die niet automatisch gelijk is aan nul. Je moet ook na een grote afschrijving kunnen blijven werken. De grens kan bestaan uit enkele weken noodzakelijke bedrijfskosten plus bedragen die je al hebt gereserveerd voor belasting. Kom je eronder, dan treedt een vooraf gekozen actie in werking: geen grote aankoop, facturen dezelfde dag opvolgen en eerst de komende vier weken controleren.
Een grens is alleen nuttig als je weet wat je doet wanneer hij wordt geraakt. Schrijf daarom twee of drie beslisregels op. Bijvoorbeeld: investeringen boven een afgesproken bedrag gaan pas door als het voorzichtige scenario positief blijft; een late betaling krijgt na de vervaldatum een herinnering; privé-opname wordt tijdelijk verlaagd wanneer vaste lasten anders niet gedekt zijn.
Werk de prognose elke week bij
Plan twintig minuten op een vaste dag. Vervang verwachte ontvangsten door werkelijke ontvangsten, verwijder betaalde uitgaven en schuif alleen bedragen op met een reden. Kijk niet alleen naar het laagste eindsaldo, maar ook naar de oorzaak. Een terugkerend gat kan wijzen op te late facturatie, een verkeerde termijn of een te lage prijs.
Bewaar vorige versies of noteer afwijkingen. Na enkele weken zie je welke klanten structureel later betalen en welke kosten vaak hoger uitvallen. Dan wordt de prognose steeds nuchterder. Je hoeft geen financieel systeem te bouwen; een betrouwbaar ritme is waardevoller dan een bestand met tientallen tabbladen.
De korte controlelijst
- Klopt het startsaldo met de bank?
- Staan belastingbedragen apart en op het juiste moment?
- Zijn ontvangsten gebaseerd op betaalgedrag, niet alleen op facturen?
- Zijn jaarlijkse en incidentele uitgaven opgenomen?
- Blijft het voorzichtige scenario boven je ondergrens?
- Weet je welke actie volgt bij een krappe week?
Een cashflowprognose is geslaagd wanneer hij je eerder laat handelen. Kijk vandaag naar de komende dertien weken, markeer de eerste lage uitkomst en kies één actie. Daarna wordt financiële rust een gewoonte in plaats van een last-minute zoektocht.


